Centrale registratie van belanghebbenden bij vennootschappen – Aandeelhoudersregister en UBO register om ‘Panama-paper’ taferelen te voorkomen?

Reeds voordat de Panama-papers de koppen van het nieuws haalde, bestond de wens voor een centraal register waarin de aandeelhouders van vennootschappen vermeld staan. Inzicht in de achterliggende partijen wordt gezien als een belangrijk middel om fraude, witwassen en belastingontduiking tegen te gaan. Eerst werd enkel gesproken over een centraal aandeelhoudersregister; nu wordt vanuit Europa opgelegd om een centraal UBO-register (uiteindelijk belanghebbende) op te tuigen. Gezien de recente ontwikkelingen zou dit in een stroomversnelling kunnen raken.

Centraal aandeelhoudersregister ingehaald door UBO-register

Eind december 2012 liet de Minister van Veiligheid en Justitie weten dat hij een centraal register voor aandeelhouders van besloten en niet-beursgenoteerde naamloze vennootschappen zou instellen. Sindsdien hebben de nodige discussies plaatsgevonden, over de toegankelijkheid van het register en de locatie van het register. Maar ook ,  hoe ongewenste zichtbaarheid kan worden voorkomen, bijvoorbeeld om te voorkomen dat derden inzage krijgen in de structuur van het familiebedrijf of om stille investeerders niet noodzakelijk in de openbaarheid te brengen.

Centraal aandeelhoudersregister inmiddels ‘on hold’

Een brief van 10 februari 2016 aan de Tweede Kamer, van de Minister van Financiën, mede namens de Ministers van Veiligheid en Justitie en Economische Zaken, informeert de Kamer over de keuze om ontwikkeling van het centraal aandeelhoudersregister aan te houden totdat het UBO-register verder is ontwikkeld. Het UBO register registreert de uiteindelijke belanghebbende (ultimate beneficiairy) bij ondernemingen, wat dus verder gaat dan sec aandeelhouderschap

Hoewel het UBO-register en het centraal aandeelhoudersregister beide tot doel hebben om fraude, witwassen en belastingontduiking tegen te gaan, hebben zij een verschillende omvang en inhoud. De Ministers stellen dat gelijktijdige ontwikkeling van beide registers tot knelpunten in de uitvoerbaarheid en betaalbaarheid zou leiden. Bovendien (en dat lijkt de echte reden) is het UBO-register een afdwingbare Europeesrechtelijke verplichting en moet dat uiterlijk op 26 juni 2017 zijn ingesteld.

Verschillen centraal aandeelhoudersregister en UBO-register

Het centraal aandeelhoudersregister geeft weer wat het huidige ‘offline’ aandeelhoudersregister weergeeft, namelijk aandeelhoudersinformatie. Aandeelhoudersinformatie gaat over rechten op een of meerdere aandelen in een bepaalde vennootschap. Aandeelhouders kunnen zowel natuurlijke als rechtspersonen zijn. Bij het centraal aandeelhoudersregister is niet relevant of de aandeelhouder formele of feitelijke zeggenschap heeft over de besloten en niet-beursgenoteerde naamloze vennootschap.

Het UBO-register beschrijft uiteindelijke zeggenschap over een vennootschap. Het register ‘prikt’ door lagen van vennootschappen heen en komt terecht bij de uiteindelijke natuurlijk persoon. Specifieker: de definitie van UBO is vastgelegd in de derde anti-witwasrichtlijn en komt er vereenvoudigd gezegd op neer dat de UBO die natuurlijke persoon is, die, al dan niet achter de schermen, bij een vennootschap of een andere juridische entiteit ‘aan de touwtjes trekt’ en derhalve de formele of feitelijke zeggenschap heeft (‘control’ in het Engels). Indicaties voor zeggenschap kunnen zijn een toereikend percentage van eigendom, aandelen en/of stemrechten, maar ook het recht hebben om bestuurders te ontslaan. Van geval tot geval zal op basis van de definitie in de Richtlijn worden bepaald wie als UBO kwalificeert en dat kan nogal verschillen.

Wat komt er in het register?

De richtlijn laat aan de lidstaten ruimte om te bepalen wat in het UBO register moet worden opgenomen. Het is het voornemen van de Nederlandse regering dat de alleen de voorgeschreven minimum-informatie algemeen toegankelijk wordt:

  • Naam
  • Geboortemaand
  • Geboortejaar
  • Nationaliteit
  • Woonstaat
  • Aard en omvang van het door de uiteindelijk belanghebbende gehouden economische belang

Hoe komt de informatie in het register?

De vennootschappen en andere juridische entiteiten worden verplicht de UBO-informatie aan te leveren die toereikend, accuraat en actueel is. De UBO’s moeten hieraan hun medewerking verlenen. Daarnaast geldt er een meldingsplicht op basis van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) voor partijen zoals banken, notarissen, advocaten en belastingadviseurs.

De Kamer van Koophandel beslist, als beheerder, op basis van de beschikbare gegevens welke UBO-informatie in het register komt te staan. De privacy van de UBO’s is aan de orde gekomen, al lijken de waarborgen op niet veel meer dan hetgeen nu al geldt voor het verkrijgen van informatie bij de Kamer van Koophandel: registreren en betalen.

Hoe nu verder?

Aan de hand van hetgeen in de brief aan de Kamer is medegedeeld, zal het gesprek worden aangegaan met belanghebbenden over de verdere invulling van deze contouren. Daarnaast zal internetconsultatie plaatsvinden voor het wijzigen van de toepasselijke wet- en regelgeving. Gezien het feit dat het UBO-register uiterlijk 26 juni 2017 een feit dient te zijn én de weerstand die de invoering van het centraal aandeelhoudersregister opleverde, zal dat nog een hele dobber worden. Gezien de recentelijke discussie over de Panama-papers zijn de eerste geluiden al te horen om meer informatie te registreren en openbaar te maken.  To be continued.

 

 

 

 

Deze publicatie is geschreven door Tim Carapiet

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *