BouwrechtNieuws & Blogs

De zienswijze nader bezien

By mei 21, 2021juni 3rd, 2021No Comments

Op 14 april 2021 (ECLI:NL:RVS:2021:786) deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) een belangrijke uitspraak, waardoor de toegang tot de bestuursrechter in omgevingsrechtelijke zaken is verruimd. De zaak wordt hieronder kort uitgelegd en besproken.

 

Een ongeoorloofde beperking

Reeds in het zogeheten ‘Varkens in Nood-arrest’ heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ EU) besloten dat artikel 6:13 van de Algemene wet Bestuursrecht (Awb) een ongeoorloofde beperking vormt van de toegang tot de rechter in het geval van zaken waarbij milieubelangen een rol spelen.[1]

Kort gezegd bepaalt artikel 6:13 Awb dat degene die geen zienswijze heeft ingediend, geen beroep bij de bestuursrechter kan instellen. Het Hof van Justitie heeft in zijn arrest het volgende geoordeeld:

  • Een belanghebbenden heeft toegang tot de rechter bij milieubesluiten, ook zonder het indienen van een zienswijze;
  • Elke persoon, ook zij die geen belanghebbende zijn, die een zienswijze mag indienen tegen het ontwerp besluit, heeft toegang tot de rechter.

Het HvJ EU komt hiermee tot het oordeel dat de Awb, in het geval van milieubesluiten, strijd oplevert met het Europees recht.

 

Ruimere toegang tot de bestuursrechter

De Afdeling heeft de koers van het HvJ EU  gevolgd en stelt in haar uitspraak dat de ruimere toegang tot de bestuursrechter geldt voor alle belanghebbenden en niet afhankelijk mag worden gesteld van het indienen van een zienswijze tegen het ontwerp.

“4.4. De Afdeling leidt uit de bewoordingen van het arrest van het Hof, in het bijzonder de punten 58 tot en met 60 van het arrest, af dat het oordeel van het Hof over toegang tot de rechter bij besluiten die binnen de werkingssfeer van artikel 6 van het verdrag vallen (hierna: “Aarhus-besluiten”) niet alleen geldt voor non-gouvernementele organisaties, maar voor “het betrokken publiek” in het algemeen. De Afdeling concludeert daarom dat op basis van dit arrest in ieder geval het recht van belanghebbenden om beroep in te stellen tegen “Aarhus-besluiten”, niet afhankelijk mag worden gesteld van deelname aan de uitgebreide openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Awb.”

Bovendien overweegt de Afdeling dat de ‘onderdelentrechter’ ook wel de ‘personenfuik’ genoemd, buiten toepassing blijft in het geval van omgevingsrechtelijke besluiten, die met de uitgebreide voorbereidingsprocedure tot stand zijn gekomen. Voorheen maakte de ‘onderdelentrechter’, dan wel de ‘personenfuik’ dat belanghebbenden in beroep alleen mochten opkomen tegen besluitonderdelen waartegen zij in hun zienswijze argumenten naar voren hebben gebracht.

Het gevolg

Door deze uitspraak krijgen belanghebbenden ruimere toegang tot de bestuursrechter. Zo krijgen ook belanghebbenden bij omgevingsrechtelijke besluiten die geen, of niet tijdig een zienswijze hebben ingediend, tóch de mogelijkheid om tegen het definitieve besluit beroep in te stellen. Artikel 6:13 Awb kan hen niet meer worden tegengeworpen. Voor de praktijk betekent dit dat het voorlopig niet meer nodig is om eerst een zienswijze in te dienen tegen het ontwerpbesluit om op deze manier het recht op beroep bij de bestuursrechter ‘veilig te stellen’ en ontstaat hierdoor een ruimere toegang tot de rechter in omgevingsrechtelijke zaken.

Enige nuancering is echter vereist: deze nieuwe gang van zaken geldt alleen voor besluiten waarbij de uitgebreide openbare voorbereidingsprocedure is toegepast. Bij besluiten waartegen bezwaar kan worden ingediend, en de reguliere voorbereidingsprocedure van toepassing is, is het wel nog vereist dat tijdig bezwaar wordt gemaakt.

 

[1] Hof van Justitie van de Europese Unie, 14 januari 2021, ECLI:EU:C:2021:7.

Geschreven door Bas van Vliet en Stefania Branchetti
23 april 2021